Eric en de tand des tijds

 

door Erick Kila

Eric de Noorman, is dat niet die onverschrokken strijder tegen kwaad en onrecht
die zijn avonturen beleefde in stripboekjes op oblong formaat? Vooral jongens kochten de langwerpige boekjes met hun zakgeld bij de sigarenboer op de hoek en werden door Eric steeds weer ondergedompeld in vroeger tijden en mysterieuze sferen. Avonturen in zwart-wit. Maar dat maakte helemaal niets uit.
Wij bevinden ons in de jaren vijftig en zestig, een tijd waarin ook Ivanhoe, een andere ‘historische’ held, op de zwart-wit tv de jonge kijkers liet dromen van Middeleeuwse ridders en koningen.

Dat de historische setting bij de Eric-verhalen wellicht niet (helemaal) klopt, is volgens Rob van Eijck, een van de twee schrijvers van De ware wereld van Eric de Noorman, minder belangrijk dan de suggestieve kracht die van tekenwerk en tekst uitgaat. Uiteindelijk gaat het toch om de door Erics geestelijke vader opgeroepen mysterieuze sfeer. Een sfeer die je meesleept naar andere tijden, ‘waar nog dingen kunnen gebeuren die in onze hedendaagse maatschappij al lang niet meer mogelijk zijn’.
Hans Georg Kresse
(1921 - 1992) bedacht, tekende en schreef de verhalen over de Noorman Eric. Kresse had een Duitse vader en een Nederlandse moeder. Rond de oorlogsjaren leverde dat nogal ingrijpende verwikkelingen op. Hij moest in 1941 in dienst bij de Wehrmacht, maar wendde net zo lang psychische klachten voor tot hij in ’42 uit dienst ontslagen werd. Daarna ging hij in Nederland een opleiding volgen tot striptekenaar en kwam hij in contact met Marten Toonder. In diens Studio’s dook hij onder. Met Toonder bedacht hij een strip over een viking. De vroegste tekeningen van Eric dateren van 1943.

De oorlogsperiode had invloed op Kresse. Het leverde hem een vorm van mensenschuwheid op. Hij was niet echt gemakkelijk te benaderen.

In de Marten Toonder Studio’s zag in 1946 het eerste avontuur van Eric de Noorman het licht. De Vlaamse krant Het Laatste Nieuws ging dit verhaal publiceren. In 1948 begonnen de befaamde oblong boekjes te verschijnen. Zowel Nederlandse als Vlaamse uitgaven. Opmerkelijk was de beeldcensuur die destijds op de Nederlandse uitgaven van Eric werd toegepast. Geheel buiten de tekenaar om werden naar de smaak van de fatsoensrakkers te blote figuren ‘aangekleed’. De Vlamingen konden gewoon van de ongecensureerde tekeningen genieten.

De ware wereld gaat uitvoerig in op het verschil tussen de vroege en latere Eric-verhalen. In de vroege verhalen speelt het mythologische een belangrijke rol. Eric beleefde zijn avonturen in een fantasy-achtige wereld met magische en zelfs sciencefiction elementen. Zo komen we de viking met bijvoorbeeld een soort laserpistool tegen. In het mythologisch-magische is de invloed en voorkeur van Toonder merkbaar. Kresse maakte zich van lieverlede los van die invloed en ook van de Toonder Studio’s. Hij besloot uiteindelijk tot een meer consistent en juister historisch kader voor de avonturen en koos het midden van de vijfde eeuw na Chr., de tijd die samenviel met de Grote Volksverhuizingen. Die turbulente periode bood een maker van een historische avonturenstrip veel mogelijkheden. Het komt op het conto van Rob van Eijck dat de ontwikkeling van fantasy naar avonturen in een ‘kloppende’ vast historische context zo minutieus beschreven is in De ware wereld. Jammer genoeg overleed Van Eijck onverwacht vóór het uitkomen van dit ware Eric-monument.

In het verlengde van het zoeken naar een vaste historische landingsplaats van Eric zijn de teken- en tekstbijdragen van Fred Marschall van bijzondere betekenis. Hij maakte voor deze uitgave onder meer pagina vullende tekeningen in kleur om een historisch/wetenschappelijk verantwoord beeld te geven van hoe mensen er in de vijfde eeuw uitzagen. Hoe ze leefden, woonden en vochten. Het werk van Marschall gaat op een natuurlijke manier goed samen met de tekeningen van Kresse. Hij heeft een eigen manier van uitbeelden van scènes waardoor je als het ware midden in een gebeurtenis wordt getrokken. Hij moet wat dat betreft geïnspireerd zijn door Kresse. Frappant bij beiden zijn de close ups en de ongewone, maar daardoor juist effectieve, uitsneden van het beeld. Maar er is ook sprake van een contrast. Waar Kresse bijvoorbeeld de weergave van een legeropmars of van een landschap realiseert door middel van impressionistische zwart-wit krabbeltjes, is het werk van Marschall precies en kleurrijk. Beide kunstenaars weten heel knap de sfeer van een ver verleden op te roepen. Daarbij zijn de korte teksten van Marschall buitengewoon informatief.   

Zo is er een boek ontstaan dat een geschiedkundige en een beeldende kant heeft. En natuurlijk ook een nostalgische. Je leert iets over de echte geschiedenis, over de geschiedenis van de stripcultuur en over hoe een held van vroeger in meerdere opzichten kon ontsnappen aan de tand des tijds.

Rob van Eijck en Fred Marschall: De ware wereld van Eric de Noorman, Arboris, Zelhem 2025, 255 p., ISBN 9789034311054 




Reacties

Een reactie posten

Populaire posts van deze blog

Morele basis

De hoge gekte

De paus in lotushouding