Posts

Reis door het onbekende

Afbeelding
  door Erick Kila Het proces dat ziekte heet, kan een ander proces uitlokken, waar geen spuit of pil aan te pas komt. Bij design-theoreticus Ed van Hinte (1951) leidde een septische shock tot een ingrijpende reeks medische handelingen. Tegelijk maakte zijn acute en bijna noodlottige ziekte een aanval van creativiteit los. In het nawoord van het boek ZIEK heeft Van Hinte het over ‘de onconventionele weergave van mijn verhaal’. Daar is geen woord van overdreven.  Schrijven over een doorgemaakte ernstige ziekte levert niet zelden een boek volgens een beproefd ‘recept’ op. Met een mengeling van info en emo (vaak de nadruk op het laatste) probeert de auteur dan de lezer mee te trekken in een sfeer van memento mori en levenswijsheid. Van Hinte wijkt hier spontaan van af. Met hulp van een paar medisch deskundigen, een tekenaar en twee grafisch vormgevers creëerde hij een boek dat zowel artbook als documentaire is. ZIEK springt om te beginnen letterlijk uit de band vanwege de bi...

Observator van zichzelf

Afbeelding
  door Erick Kila Poëzie is vooral géén proza. Jacobus Bos (1943) laat het in Een omgekeerde wereld duidelijk zien. Deze dichter trekt al jaren zijn eigen spoor door het literaire veld en is niet beïnvloed door de huidige trend in poëzie (verknip proza tot het eruitziet als een gedicht). Het zou zo maar eens de reden kunnen zijn voor het feit dat Bos deze bundel in eigen beheer uitbrengt. Voor zijn voormalige uitgever (Wereldbibliotheek) is deze avontuurlijke poëzie kennelijk te moeilijk. Bos stuurt zijn poëtische alter ego op verkenningstocht door een bijna letterlijk ‘omgekeerde’ wereld. Het is een gebied waarin niets is wat het lijkt en waarin verleden, nu en toekomst als het ware oplossen in een landschap van water, droogte, verleden en verlatenheid. Slechts het besef van ‘er zijn’ lijkt de dichtregels te genereren. Zo’n gewaarwording van essentie kan zich scherp en tastbaar manifesteren in de gedachtewereld van mensen die al een en ander hebben meegemaakt. De ouder wordende m...

Zojuist verschenen

Afbeelding
Ezels op het strand bij Scheveningen omdat de ezeltjes op je wachten en de zomer is als schelpgeruis boven zee de eenzaamheid van het voltooide aan de kant vergrijsde badpaleizen ooit kleine stappen naar het harde zand iedereen was mee bestemming was er niet echt de ezelrit ging langs de adem van de zee  Ezels op het strand bij Scheveningen Olieverf op doek,  marouflé 22 x 30 cm., Louis Soonius (1883 - 1956).

De hoge gekte

Afbeelding
  door Erick Kila We leven kennelijk in een tijd van literair onvermogen. De Nederlandse taalcultuur wordt steeds meer verrijkt met producten van effectbejag en overschatting. Het aanvoelen van de mogelijkheden van taal, een wat dieper gaande kennis van het materiaal dat taal is: het zijn elementen die verdwijnen. Zo worden nu bijvoorbeeld in het domein van de poëzie vooral ‘spoken word’ en ‘proza-poëzie’ op het schild gehesen. Een bruikbaar criterium om poëzie op waarde te schatten is gelukkig ‘waarachtigheid’. Onlangs kwam een recent verschenen bundel in mijn blikveld die het etiket ‘waarachtig’ ten volle verdient. Het gaat om Aan de vooravond , een sober vormgegeven selectie gedichten van Miel Vanstreels (Godsheide, 1951). Vlaming van geboorte woont deze schrijver/dichter al sinds zijn negentiende in Maastricht. Wellicht dat de Nederlandse omgeving van invloed is geweest op de ingetogenheid en het minimale van Vanstreels poëzie. Er is in Aan de vooravond geen spoor te bekenne...

Morele basis 4

Afbeelding
door Erick Kila Wat we leren van de geschiedenis is dat we niet van de geschiedenis leren: een veelzeggende (aan verschillende denkers toegeschreven) constatering die opduikt in het essay Science, Liberty and Peace .  Aldous Huxley (1894 - 1963) publiceerde in 1946 deze scherpe analyse van de honger naar macht. De nu verschenen vertaling kreeg als titel De tijd van de oligarchen . Er valt bij nader inzien door de aandachtige lezer toch veel te leren van deze tachtig jaar geleden verschenen (en dus inmiddels geschiedenis geworden) beschouwing van de menselijke zwakte. Het door Bas Heijne knap ingeleide opstel geeft een helder inzicht in menselijke macht en onmacht en menselijk vermogen en onvermogen. Met W.O. II nog vers in het geheugen probeerde de auteur van Brave New World (1932) het mechanisme bloot te leggen dat rampspoeden als oorlog, ongelijkheid en honger veroorzaakt. Het begrip oligarchen uit de Nederlandse titel moet hierbij ruim worden opgevat. Denken we nu vooral aan...

Ragfijn

Afbeelding
door Erick Kila   Het ongrijpbare aanraken: het lijkt onbegonnen werk. Toch zijn er momenten, in een twinkeling van licht of in taal, die het ondoorgrondelijke een gestalte geven. Er zijn bijvoorbeeld verhalen en gedichten die dat schuchter doen. Je moet er wel een antenne voor hebben, maar die antenne is zelden aangeboren. Zo kan iets dus - vóór het op waarde wordt geschat - lang mijmeren op een plekje ver in het geheugen. Want ja, hoe vang je iets op dat eigenlijk slechts een zweem is van een gevoel? Hoe zie je door een vlechtwerk van woorden heen een andere werkelijkheid? Die ‘andere’ werkelijkheid is het gebied van de droom en de fantasie, een gevoelsdomein dat al vóór de volwassenheid vervaagt, om tenslotte geheel op te lossen in het gewone leven.  Er is talent voor nodig en nieuwsgierigheid om die andere ‘parallelle’ werkelijkheid te onthouden en aan te roepen als het nodig is. Mijn eerste literaire leeservaring was het debuut van Cees Nooteboom (Den Haag, 1933 - Men...

Juice in de Middeleeuwen

Afbeelding
door Erick Kila Een directe verbinding met lang vervlogen tijden krijg je door taal, door wat ooit in bijvoorbeeld Oudheid en Middeleeuwen is opgetekend. Zo kent het Nederlandse taaldomein een aantal fascinerende toegangen tot het levensgevoel van de Middeleeuwer. Het gaat dan vooral om overgeleverde teksten in het Middelnederlands (1200 – 1500). Bewaarde teksten uit het Oudnederlands (ca. 500 -1200) zijn zeer schaars. Het bekende ‘Hebban olla uogala’ uit de 11 e eeuw is lang aangemerkt als oudste bewaarde Nederlandse zin, maar inmiddels heeft een zinnetje uit 793 dat predicaat overgenomen: maltho, thi âfrîo, theo (ik zeg, jou laat ik vrij, slaaf). Beide zijn ‘aantekeningen in de kantlijn’, die de kopiist van een Latijnse of Oudengelse tekst in zijn eigen, Oudnederlandse, taal toevoegde, bijvoorbeeld om zijn ganzenveer te proberen of om iets nader toe te lichten. Afschriften van complete Middelnederlandse ‘literaire’ teksten zijn gelukkig wel bewaard gebleven. Bekend zijn onder me...